Werk van Anne de Vries in de tentoonstelling TruEye surView, 2011, in W139.

Post-internet kunst

Issue no4
aug / sept 2017
Degrowth
Werk van Anne de Vries in de tentoonstelling TruEye surView, 2011, in W139.

Op initiatief van een generatie kunstenaars die met internet is opgegroeid, zijn praktijken en methodes van het internet zich aan het verplaatsen naar de tentoonstellingszaal. Dit proces van materialisatie van het digitale gaat niet zonder slag of stoot. Het Nederlands Instituut voor Mediakunst wijdt er een tentoonstelling aan.

Tegenwoordig kent iedereen Web 2.0 en zijn sociale structuur. Het sociale aspect heeft de technische kant van het Web naar de achtergrond verdrongen. Ook kunstenaars zijn zeer geïnteresseerd in de sociale dimensie van Web 2.0, als concept en als manier om relaties te vormen. Zoals de kunstenaar Aram Bartholl het uitdrukte in een interview: 'Je moet nadenken over de verschillende communicatiekanalen die er zijn en waarmee je kunt werken, en bedenken wat die met iemand doen.' Bartholl is bekend om zijn projecten en performances waarin hij aspecten van de digitale wereld in de fysieke wereld introduceert. Uit zijn werk blijkt telkens weer hoe groot de invloed van de online-wereld is op het wereldbeeld van mensen. Vaak is niet goed te zien waar de scheidslijn tussen de fysieke en virtuele wereld precies ligt, zoals in het werk Speech Bubble (2007), waarin vrijwilligers mensen achtervolgen met een grote tekstballon op een stok, of Tweet Bubble Series (2009), waarbij Twitter-teksten op een T-shirt geplaatst worden. Opeens lijkt de geijkte gewoonte op internet om alles ongegeneerd publiekelijk te maken, dwaas en aanstellerig.

Andere kunstenaars gaan minder letterlijk te werk. Deze kunstenaars, voor het merendeel zogenaamde <em>digital natives</em>, zoeken, knippen, plakken en mixen van internet, en gebruiken het internet ook weer om hun werk te verspreiden. Nieuwe werken ontstaan in een continue stroom van reacties en commentaren op commerciële platforms zoals YouTube of op zogenaamde surfing club websites zoals Nasty Nets en Spirit Surfers. Tegelijkertijd ontstond er een parallelle beweging van kunstenaars die op zoek gingen naar een fysieke plek voor hun digitale experimenten. Ze presenteerden hun werk in allerlei soorten ruimtes, van alternatieve galerietjes tot internetcafés. Intussen zijn ook musea geïnteresseerd geraakt in dit fenomeen van op internet gebaseerde kunst. Het New Museum in New York presenteerde <em>Free </em>(2010), een tentoonstelling waarin curator Lauren Cornell wilde laten zien hoe internet onze notie van de openbare ruimte heeft veranderd. Volgens Cornell heeft die gemeenschappelijke ruimte zich verplaatst en verbreed, van scholen of de straat naar andere, meer gedistribueerde vormen van collectiviteit. Deze nieuwe netwerken worden gekenmerkt door grote sociale interactie en een geheel eigen, sterk visuele vorm van vrije informatie-uitwisseling. 

...

Lees verder in dit artikel in Metropolis M nr. 6, december-januari 2011. Nu te koop in de (web)winkel.

Annet Dekker is tentoonstellingsmaker en onderzoeker, Amsterdam/Londen

- The Greater Cloud
Nederlands Instituut voor Mediakunst, Amsterdam
9 december 2011 t/m 5 februari 2012

Vertaald uit het Engels door Maaike Post en Arjen Mulder

Share this Article:
|Back to Top
Gerelateerd | Meest gelezen
Tijdschrift

Koop nu het
laatste nummer

Mail naar:
karolien [​at​] metropolism.com
(€9,95 incl verzending)

Neem nu een abonnement op Metropolis M en bespaar 40%!

Abonneer
Metropolis M Tijdschrift over hedendaagse kunst Nr 4 — 2017