Het woonhuis van Krijn Giezen in Frankrijk, foto Simon Delobel

'Een beetje underground, op een niet-kokette manier'- GEM eert Krijn Giezen 

Issue no3
juni / juli 2019
Brussel / Bruxelles

GEM Den Haag brengt op initiatief van Lily van Ginneken en Jan Wijle een eerbetoon aan Krijn Giezen, door zijn werk te presenteren met dat van enkele jonge geestverwanten. De ecologische knutselaar, met tal van grote landschapsprojecten op zijn naam, verdient meer erkenning voor zijn vrij bijzondere kunstenaarschap. Hoe ver reikt zijn invloed? Domeniek Ruyters vroeg het aan GEM-curator Yasmijn Jarram.

—Domeniek Ruyters 1. Wat is jouw beeld van Krijn Giezen? Het valt mij op dat iedereen toch een eigen versie heeft van deze wat 'hybride' kunstenaar. Kende je hem al toen je gevraagd werd deze tentoonstelling te maken, want buiten de trap van Kröller-Müller is hij volgens mij toch niet echt bekend.

—Yasmijn Jarram De naam Krijn Giezen deed niet meteen een belletje bij mij rinkelen. Wel kende ik natuurlijk zijn trap in de beeldentuin van Kröller-Müller – ik merk dat dit voor de meeste mensen geldt. Nu ik me meer in zijn werk heb verdiept, en natuurlijk van o.a. Jan Wijle en Lily van Ginneken veel over hem heb gehoord, zie ik hem als een eigengereid figuur die zich duidelijk tot zijn tijd verhield, scherend langs Arte Povera, Fluxus, conceptuele kunst, land art, zoekend buiten het institutionele maar nergens echt bij hoorde. En vandaag de dag kennen dus weinigen zijn naam, terwijl zijn werk – zeker in Nederlandse context – wel een tijdsgeest/gedachtengoed vertegenwoordigt. Dat vind ik wel fascinerend, ik zie hem wel als een beetje underground, op een niet-kokette manier ;-) Hij deed best megalomane projecten in de openbare ruimte, wilde ook wel erkenning, maar zonderde zich tegelijkertijd het liefst af, in gezelschap van schippers, vissers en boeren. En ondanks de soms grote gebaren, waaronder de uitkijktrap, zit er een bepaalde droge humor en alledaagsheid in zijn werk die me aanspreekt.

Krijn Giezen (1939-2011), 4.7.2004 gebarentaal, uit: mailorder catalogus, 2004, Stroom Den Haag

—Domeniek Ruyters 2. Doel van de tentoonstelling is de invloed van Giezen te traceren onder de huidige generatie kunstenaars. Giezen als pionier. In wat voor opzicht is hij een pionier voor jou en voor de kunstenaars?

—Yasmijn Jarram Ik beschouw de tentoonstelling als vrijblijvender dan dat. Als het zou gaan om een groot overzicht op basis van grondig onderzoek naar zijn nalatenschap in de kunst van nu, zou ik ook niet de aangewezen curator zijn. Ik zie de tentoonstelling meer als een groepstentoonstelling met een greep uit het oeuvre van Giezen, voor een deel uit onze eigen collectie, als het vertrek– en zwaartepunt. Voor de meeste bezoekers zal het ook een eerste kennismaking zijn met Giezen. Interessant om te weten: de vier deelnemende kunstenaars kennen Giezen ook niet, of oppervlakkig. Het zou dus ook in die zin niet kloppen om van een invloed te spreken; het is eerder een onbewust verwantschap, meer associatief. In de vrijheid waarmee hij zijn kunstenaarschap vormgaf, op een onconventionele manier, schuilt voor mij – en ik denk ook voor de jongere kunstenaars – de waarde van zijn werk en de relevantie voor nu. Hij was behoorlijk radicaal in die zin. Paul Geelen, een van de deelnemers, vertelde dat hem op de academie wel eens werd gezegd dat hij eigenlijk dertig jaar te laat is geboren, gezien de aard van zijn werk en praktijk. Dat vond ik wel intrigerend in deze context.

Krijn Giezen (1939-2011), Het schoonmaken van gerookte sprot, 1976, papier, fotopapier, krijt, Gemeentemuseum Den Haag

Krijn Giezen (1939-2011), Open vuur pan, circa 1970, gelast ijzer, Gemeentemuseum Den Haag

—Domeniek Ruyters 3. Met Krijn Giezen als centrale figuur heb je ervoor gekozen zijn werk te combineren met dat van Sema Bekirovic, Chaim van Luit, Paul Geelen en Bram de Jonghe. Waarom deze kunstenaars? Was het lastig kiezen?

—Yasmijn Jarram Aanvankelijk had ik een behoorlijke lijst namen; ‘natuur’ in brede zin is natuurlijk een veelvoorkomend thema. Ik wilde het toespitsen op de huidige generatie, mijn eigen generatie, niet gebaseerd op basis van specifieke werken maar op iemands praktijk en benadering. Ook wilde ik het binnen de beeldende kunst houden, dus niet richting design en toegepaste kunst. Ook niet geworteld in onderzoek en data, en tegelijkertijd niet in romantiek of spiritualiteit. Zo kwam ik al vrij snel bij deze vier: Sema die met een vergelijkbare eenvoud en nuchterheid thema’s rondom natuur en ecologie verkent, Paul die o.a. in samenwerking met kwekers altijd met zijn slakken in de weer is, en net als Giezen ook geïnteresseerd is in de ‘folklore’ kant van natuur, Chaim die dagelijks met een metaaldetector door bossen en grotten struint en Bram die op een meer conceptuele, formele manier omgaat met onze alledaagse omgeving, leidend tot ‘MacGuyveriaanse’ (zijn term) vondsten en oplossingen.

—Domeniek Ruyters 4. Giezen was een veelzijdig kunstenaar die vooral buiten het instituut in de natuur werkte. Hoe ondervang je dat in een museum. Wat voor soort werk van hem laat je zien?

—Yasmijn Jarram Giezen heeft ook best veel fysiek werk gemaakt. De selectie in de tentoonstelling laat verschillende aspecten van zijn oeuvre zien. Bv een groot wandkleed samengesteld uit o.a. een paardendek en scheepszeil, de fotoserie Reparaties en Uitvindingen waarin hij spontane uitvindingen van ‘arbeiders’ (boswachters, slagers) documenteert, een kreeft omgetoverd tot bestek, een zelfgemaakt rookoventje en steelpan met verlengde steel, half-getekende collages met recepten, handleidingen en ontwerpen voor bv observatoria en hutten – deze ontwerpen vormen een mooie brug naar zijn interventies in de natuur, die ook in tekst en enkele foto’s aan bod komen. De nadruk komt te liggen op ‘concreet’ werk en niet teveel op archief en documentatie; de tentoonstelling streeft niet naar volledigheid in die zin, maar inderdaad zeker wel naar het belichten van die veelzijdigheid. Ondanks die veelzijdigheid, waardoor aanvankelijk misschien lastig is grip op hem te krijgen, hangt alles met elkaar samen en komt alles uit elkaar voort. Dat zie je ook bij de vier andere kunstenaars.

Paul Geelen, een van de deelnemers, vertelde dat hem op de academie wel eens werd gezegd dat hij eigenlijk dertig jaar te laat is geboren, gezien de aard van zijn werk en praktijk

Bram De Jonghe, Droogvis, 2019

Chaim van Luit, Left, Right, Right, Right, 2013-2019 (still)

LEES MEER OVER KRIJN GIEZEN EN HET INITIATIEF VAN LILY VAN GINNEKEN EN JAN WIJLE IN HET PORTRET DAT DOMENIEK RUYTERS OVER GIEZEN SCHREEF IN METROPOLIS M NR 3-2019 BRUSSEL/BRUXELLES. ALS JE NU EEN JAARABONNEMENT NEEMT STUREN WE JE DIT NUMMER GRATIS TOE. MAIL JE NAAM EN ADRES NAAR [email protected]

OP 6 juli is een speciale openstelling in het kader van The Hague Art Weekend.

Een ongewone wandeling, sporen van Krijn Giezen, GEM, Den Haag, 15.6 t/m 31.10.2019

Domeniek Ruyters
is hoofdredacteur van Metropolis M

Share this Article:
|Back to Top
Gerelateerd | Meest gelezen
Tijdschrift

Koop nu het
laatste nummer

Mail naar:
karolien [​at​] metropolism.com
(€9,95 incl verzending)

Neem nu een abonnement op Metropolis M en bespaar 40%!

Abonneer
Metropolis M Tijdschrift over hedendaagse kunst Nr 3 — 2019