Gud Kitchen bij het Fridericianum

Over nongkrong gesproken - documenta fifteen closing days #2

Issue no5
okt - nov 2022
Neo-90s

Ruangrupa introduceerde in Kassel een compleet nieuw biënnalemodel dat is gebaseerd op collectiviteit, samenwerking en de uitwisseling van ideeën. De introductie ging gepaard met een aantal nieuwe begrippen. Kerstin Winking gaat in gesprek met verschillende documenta fifteen-deelnemers over de belangrijkste: lumbung, nongkrong en het organiseren van majelis.

Het Indonesische woord nongkrong geniet momenteel een ongekende internationale belangstelling. Van oudsher is nongkrong een sociale praktijk die in de verschillende gemeenschappen in de gehele Indonesische archipel wordt bedreven. Nongkrong is een informele bijeenkomst met of zonder een kopje koffie, thee, sigaret of snack, een nonchalante uitwisseling van gedachten en ideeën, een bijeenkomst zonder een van tevoren vastgelegd doel of agenda. Als zodanig zal nongkrong de kern vormen van de curatoriële aanpak die door het collectief ruangrupa toepast zal worden in de aankomende editie van documenta.

Ter introductie van hun methodiek heeft ruangrupa een glossarium met begrippen gepubliceerd. Daarin staat behalve nongkrong ook lumbung, een overkoepelend begrip voor de organisatie van deze documenta. Traditioneel gezien is een lumbung een schuur waarin rijst en andere geoogste producten bewaard worden, maar lumbung heeft ook een belangrijke metaforische betekenis. Volgens antropologen staat het woord in Indonesië voor voedselveiligheid en het behouden van waardevolle dingen, kennis en waarden van en voor de gemeenschap.[1] Het is de tegenhanger van de neoliberale visie op voedselproductie voor een globale markt, waarbij producten ingewisseld worden voor financiële middelen die de voedselveiligheid van de bevolking moeten garanderen. In ruangrupa’s glossarium wordt lumbung gedefinieerd als een bergplaats die in de landelijke omgevingen van Indonesië wordt gebruikt voor het bewaren van overtollige oogst. Dit overschot wordt in het voordeel van de gehele gemeenschap ingezet en op grond van gemeenschappelijk bepaalde principes verdeeld. ruangrupa heeft veertien collectieven en kunstenaars uitgenodigd die mee zullen denken over de principes aan de hand waarvan de lumbung van documenta fifteen zal worden vormgegeven en verdeeld.

Om nongkrong als onderdeel van ruangrupa’s curatoriële methode beter te begrijpen, voer ik een aantal gesprekken met lumbungleden van documenta fifteen. In deze gesprekken wordt duidelijk dat nongkrong iets met van-elkaar-leren te maken heeft, maar zoals Gesyada Siregar van ruangrupa’s thuisbasis Gudskul me vertelt, gebeurt nongkrong niet tijdens, maar juist na afloop van een klas, seminar of conferentie. Nongkrong vindt plaats in een relaxte sfeer, vóór of na het werk, tijdens het happen van frisse lucht of het roken van een sigaret. Voor de oudere leden van het curatorencollectief en ook voor het Indonesische kunstenaarscollectief Taring Padi, dat net als ruangrupa tijdens de studentenprotesten in Indonesië in de late jaren negentig voor het eerst bijeenkwam, heeft nongkrong echter ook een historische betekenis.

Nha San Collective, Nha San, 2018, courtesy Nha San Collective

Jatiwangi Art Factory, 2017, foto Pandu Rahadian

Op de thee bij Festival sur le Niger in Niger, foto Salif Traoré

De geschiedenis van nongkrong

Historicus Alexander Supartono legt me uit dat nongkrong ten tijde van de formatie van Taring Padi en ruangrupa een sociale praktijk was, die door de autoritaire Orde Baru (Nieuwe Orde) van Suharto werd verboden. Het regime trachtte nongkrong aan banden te leggen omdat het tot de formatie van organisaties kon leiden, wat door het regime als communistisch beschouwd werd. De bereidheid van Suharto om geweld tegen zogenaamde communisten te gebruiken, bleek al uit de wijze waarop hij in 1965 aan de macht kwam, de genocide die erop volgde en de massa-arrestaties in Indonesië. Kritische kunstenaars zoals de schilder Hendra Gunawan en de schrijver Pramoedya Ananta Toer werden door het regime als communisten en oproermakers weggezet, en voor vele jaren als politieke gevangenen vastgehouden. In 1974 verklaarde de Orde Baru de studentenprotesten tegen het regime die buiten de campus plaatsvonden illegaal, waarop het verzet binnen de universiteiten bijeenkwam. Vervolgens verbood het regime in 1978 per wet het gebruik van universitaire faciliteiten voor politieke doelen.

Desondanks bleek het moeilijk om nongkrong helemaal te onderdrukken, omdat het in heel Indonesië een wijdverbreide sociale praktijk is. De leden van ruangrupa leerden elkaar kennen als studenten aan de kunstacademie en universiteit, bij het doen van nongkrong in de leegstaande ruimtes van bijvoorbeeld de oude kunstacademie in Yogyakarta en andere kraakpanden in Jakarta en Bandung. Pas in 1998 kwam het regime van Suharto ten val en sindsdien komt de verwerking van de traumatische collectieve herinneringen langzaam op gang. Het doen van nongkrong met leden van verschillende generaties geeft daarbij een belangrijke impuls.

Literatuurhistoricus Taufiq Hanafi wijst me erop dat er een lemma over het woord ‘nongkrong’ te vinden is in de Kamus Etimologi Bahasa Indonesia, een woordenboek uit 1987. Daarin wordt de etymologie van het werkwoord nongkrong omschreven als ‘duduk atau berjongkok di tempat yg ketinggian’ wat zoveel betekent als ‘zitten of hurken op een verhoging’. Er wordt een verband gelegd met het woord tongkrong, dat omschreven staat als ‘duduk-duduk saja (tidak bekerja)’ ofwel ‘alleen maar rondhangen (zonder werk)’. Deze definitie uit de Kamus Etimologi Bahasa Indonesia moet echter met voorzichtigheid worden gelezen omdat de publicatie ten tijde van het regime van de Orde Baru is uitgegeven. Bovendien staat de beknopte en ietwat neerbuigende omschrijving van nongkrong in het woordenboek haaks op de veelgelaagde betekenis die mijn gesprekspartners aan het woord en de sociale praktijk geven.

ruangrupalid Farid Rakun herinnert zich dat zijn vader nongkrong afkeurde omdat het vanuit het neoliberale oogpunt van de Orde Baru gezien, enkel onproductieve tijdverspilling was.2 In mijn gesprek met Berto Tukan van Gudskul vertelt hij dat regimegetrouwe ouders nongkrong doorgaans als niet productief beschouwen en een anak nongkrong (hangjongere) in de ogen van zulke ouders nog altijd gelijk staat aan een verliezer. Het succes van ruangrupa tot dusver toont echter aan dat nongkrong wel degelijk een productieve handeling kan zijn.

De leden van ruangrupa zien zichzelf niet als werkgevers en bieden dan ook geen instructies of vaste werkstructuren, maar laten mensen zelf bepalen wat ze willen leren en hoe ze iets willen organiseren

Thuisbasis Gudskul van ruangrupa op Jakarta

ruangrupa tijdens workshop, foto Nicolas Wefers

ruruHaus, documenta fifteen, foto Nicolas Wefers

Sinds 2018 heeft ruangrupa hun thuisbasis in Jakarta op het terrein van Gudskul, een school en ruimte voor nongkrong die het collectief samen met kunst- en designcollectieven Serrum en Grafis Huru Hara in Jagakarsa (Zuid-Jakarta) heeft opgericht. Siregar, Tukan en Rifandi Septiawan Nugroho vertellen me dat het collectief sinds zijn bestaan vier keer is verhuisd, van het ene leegstaande pand naar het andere. Iedere keer kwamen ze als vreemdelingen in een nieuwe buurt van Jakarta. Om contact met de lokale bewoners te krijgen, stelden ze steeds hun ruimte beschikbaar voor nongkrong. Gudskul is inmiddels een populaire ruimte voor de buurt en een aantrekkingspunt voor bezoekers vanuit geheel Indonesië en het buitenland.

Flexibiliteit

ruangrupa’s werkwijze vraagt om flexibiliteit. Siregar legt me uit dat het principe van zelforganisatie hierbij erg belangrijk is. De leden van ruangrupa zien zichzelf niet als werkgevers en bieden dan ook geen instructies of vaste werkstructuren, maar laten mensen zelf bepalen wat ze willen leren en hoe ze iets willen organiseren. Wel zijn er bij Gudskul een aantal coördinatoren en nongkrong-moderatoren die activiteiten en discussies organiseren, maar dit kan volgens Tukan ook spontaan gebeuren, bijvoorbeeld wanneer een interessante filosoof op bezoek is die een idee wil bediscussiëren.

In de aanloop naar documenta fifteen heeft ruangrupa verschillende ruimtes voor nongkrong en majelis (bijeenkomsten mét agenda) beschikbaar gesteld. In 2020 openden ze het ruruHaus in het stadshart van Kassel, maar nongkrong en majelis vinden volgens de lumbungleden die ik sprak al een aantal maanden online plaats, wekelijks in kleine of grote groepen van soms wel 200 deelnemers. Daarnaast zal ook Gudskul meeverhuizen naar documenta fifteen. Gedurende honderd dagen zal Gudskul gevestigd zijn in het Fridericianum, dat speciaal is ingericht met een modulaire architectuur. ruangrupa’s werkwijze vraagt om flexibiliteit, die door deze modulaire en aanpasbare architectuur wordt bevorderd en ondersteund.

Architectuur, duurzaam design en alternatieve educatie staan hoog op de inhoudelijke agenda van ruangrupa’s documenta. Als ik documenta-deelnemer Sourabh Phadke vraag hoe de samenwerking met ruangrupa tot stand is gekomen, zegt hij dat hij op een dag door Gudskul werd gebeld. Hij had nog nooit van documenta gehoord en beschouwde zichzelf sowieso niet als een echte kunstenaar. Normaliter werkt Phadke aan de duurzame bouw van scholen met dorpsgemeenschappen en als docent op wisselende locaties in India. Hij is opgeleid tot metselaar, architect en leraar en heeft de nodige certificaten om deze beroepen in India uit te voeren. Tijdens de regelmatige majelis voorafgaand aan de vijftiende editie heeft hij documenta leren begrijpen als onderdeel van de kunstwereld, die hij zich ruimtelijk voorstelt als een bubbel van ideeën over kunst. Zijn doel is om in Kassel zijn eigen bubbel van ideeën over duurzaam bouwen en leven te koppelen aan de kunstwereldbubbel, zonder een van de bubbels te laten barsten.

Phadke omschrijft nongkrong als een vruchtbare ruimte waaruit dingen voortkomen die op dat moment en op die locatie nodig zijn. Ook bij zijn eigen projecten in Indiase dorpen begint hij altijd met de vraag wat er nodig is: ‘Als uit overleg met de dorpsgemeenschap blijkt dat er een school nodig is, bouw ik die samen met ze.’ Hiervoor werkt hij met materiaal uit de omgeving, zoals klei, hout, zand en water. Hij legt aan de dorpsbewoners uit hoe ze het project het beste kunnen aanpakken, en geeft op die manier zijn kennis door. Daarnaast verspreidt hij zijn kennis over duurzame handwerktechnieken via zelfgemaakte strips en handleidingen die in print en online beschikbaar zijn.

Voor documenta fifteen heeft Phadke vergelijkbare beginvragen gesteld: wat hebben Kassel en deze massabijeenkomst nodig? Hoe kan de impact wat betreft afval, de consumptie van resources en energie worden beperkt? Zijn antwoord daarop is de Material Cycles Hub die hij in samenwerking met lokale recycling organisaties en bedrijven in en rondom Kassel wil realiseren, om zo de ecologische voetafdruk van documenta te verkleinen. Daarnaast vindt Phadke het belangrijk dat Europese landen stoppen hun afval naar landen als India, Pakistan en Indonesië te verschepen. Daarom organiseert Phadke ook een symposium waarbij lokale recycling initiatieven met vergelijkbaar duurzame organisaties uit Duitsland en andere Europese landen in contact worden gebracht.

El Warcha, project Hafsia, 2019, foto Ines F Marques, courtesy El Warcha

El Warcha in Fridericianum

Duurzaamheid en innovatie

Een andere organisatie die door ruangrupa werd uitgenodigd om lid te worden van de lumbung is die van Festival sur le Niger in Ségou, Mali. Secrétaire Général Attaher Maiga vertelt vol trots dat het festival in 2009 is opgericht en dat het zich sindsdien heeft ontwikkeld tot het meest populaire volksfeest in West-Afrika. Het festival biedt een breed scala aan creatieve activiteiten, zoals dans- en poppentheatervoorstellingen, hedendaagse kunsttentoonstellingen, concerten en markten, en is zodoende een culturele en toeristische trekpleister geworden. Maiga benadrukt dat de festivalorganisatie het gehele jaar door samen met de lokale bevolking duurzame werkwijzen en producten ontwikkelt die de ecologische voetafdruk van het festival verkleinen. Daarnaast initieert de organisatie educatieve projecten voor de lokale jeugd en bieden ze een masteropleiding cultureel management aan.

Moussa Berté, die verantwoordelijk is voor de beeldende kunst op het festival, vertelt dat de festivalorganisatie en -projecten voortkomen uit een methode die lijkt op nongkrong, maar die de lokale Maaya filosofie als leidraad neemt. Principes als het delen van tijd en ideeën zijn in de Maaya-filosofie even belangrijk als bij nongkrong. De organisatie functioneert als een familie waarmee je goede en slechte tijden deelt. Dit systeem maakt het mogelijk elkaar te helpen in moeilijke tijden, bijvoorbeeld door ruimte, contacten en financiële middelen te delen. Tijdens documenta fifteen wordt het oude gebouw van transportbedrijf Hübner in de Kasselse wijk Bettenhausen het hoofdkwartier van waaruit Festival sur le Niger een programma van activiteiten presenteert. Dat programma omvat hedendaagse kunsttentoonstellingen met werk van bijvoorbeeld Losso Marie-Ange Dakouo en Abdoulaye Konaté, poppentheatervoorstellingen in samenwerking met de beroemde poppenspeler Yaya Coulibaly en optredens van verschillende muzikanten, dansvoorstellingen en performances in de publieke ruimte.

Hang-out relaties van Jatiwangi Art Factory na concert tegen het decor van werken van Festival sur le Niger, documenta fifteen, 2022

Uit de gesprekken met de lumbungleden komt naar voren dat duurzaam design, architectuur en leven, net als collectieve organisatorische modellen en alternatieve educatie hoog op de inhoudelijke agenda van ruangrupa’s documenta fifteen staan. Nongkrong als tijdruimte concept, intergenerationele sociale praktijk en oorsprong van innovatie is het vertrekpunt voor alle activiteiten die in Kassel worden georganiseerd. ruangrupa’s oproep tot nongkrong lijkt een voorzichtige bevrijding van de publieke kunstruimte uit de greep van de fetisjistische neoliberale kunstmarkt en de nadruk op individuele financiële winst te initiëren. Deze editie van documenta zal de weg vrijmaken voor een nieuwe verdeling van beschikbare middelen, kennis en ideeën met oog op de belangen van de lokale gemeenschap en haar bezoekers.

DIT ARTIKEL IS GEPUBLICEERD IN METROPOLIS M NUMMER 3 2022: MAKE FRIENDS NOT ART

Voor dit artikel sprak ik in willekeurige volgorde met Anissa Rahadiningtyas, Danuh Tyas Pradipta, Ardhana Riswarie, Taufiq Hanafi, Danishwara Nathaniel, Sourabh Phadke, Alexander Supartono, Hestu Setu Legi, Fitri DK, Attaher Maiga, Moussa Berté, Gesyada Siregar, Berto Tukan, Rifandi Septiawan Nugroho en Lany Pradjarahardja.

GLOSSARY: De complete woordenlijst is te vinden op de website van documenta fifteen.

1 Graeme MacRae en Thomas Reuter, ‘Lumbung Nation’, Indonesia and the Malay World, Vol 48, 2020

2 Akademie van Kunsten Lezing 2022 door ruangrupa, 11 februari 2022

Kerstin Winking
is curator, schrijver, promovendus bij het Leidse Instituut voor Geschiedenis en gastonderzoeker bij het Koninklijk Instituut voor Taal-, Land- en Volkenkunde (KITLV)

Share this Article:
|Back to Top
Gerelateerd | Meest gelezen
Tijdschrift

Koop nu het
nieuwste nummer

Mail naar:
karolien [​at​] metropolism.com
(€9,95 incl verzending)

Neem nu een abonnement op Metropolis M en bespaar 40%!

Abonneer
Metropolis M Tijdschrift over hedendaagse kunst Nr 5 — 2022