Bij het vertrek van Ann Goldstein

Issue no5
okt-nov 2020
Wat is Nederland
Ann Goldstein en Aernout Mik


Als iemand vijfentwintig jaar bij een museum werkt en vervolgens in een ander museum krap vier jaar, is het niet vreemd te veronderstellen dat het niet helemaal is gelopen als gehoopt.

Afgelopen zomer was op televisie een programma waarin topmanagers uit het bedrijfsleven werden geïnterviewd door Coen Verbraak. Onderwerp was: hoe lang kun je als CEO in de leiding aanblijven. De meningen waren verdeeld, met name onder directeur/oprichters. Onder de carrièremanagers was er een lichte meerderheid die aangaf dat 6-8 jaar een mooie periode was. Dan was er genoeg tijd geweest om beleidslijnen te formuleren en die ook te implementeren.

Ann Goldstein heeft het krap vier jaar uitgehouden en vertrekt een jaar nadat het Stedelijk geopend is. Op de schaal van de CEO’s van Verbraak is dat hopeloos kort. Te kort om iets gedaan te krijgen.

In het persbericht dat door het museum naar buiten is gebracht staat hoezeer de Raad van Toezicht haar vertrek betreurt, gezien haar betekenis voor het museum, de aankopen die ze heeft gedaan, het programma voor de komende tijd dat staat als een huis. De Raad vindt dat Goldstein heeft gedaan wat ze moest doen. Ze heeft het museum door de laatste jaren van de verbouwing heen gesleept en een profiel gegeven in zijn nieuwe behuizing.

Het publiek denkt daar bij het vernemen van het nieuws over haar vertrek toch anders over. Dat denkt: gaat ze nu al? Ze is toch pas net begonnen?

Goldstein werd aangesteld als de directeur die het Stedelijk Museum een nieuwe eeuw binnen zou leiden. Zij was uitgekozen als een kandidaat met internationaal profiel en tegelijkertijd met veel kennis van de belangrijke kernen uit de collectie van het museum, met name op het vlak van de minimal art en de conceptuele kunst. Na jaren waarin tussenpauzen de dienst hadden uitgemaakt, met elk een licht opportunistisch beleid in reactie op de gehate jaren onder Rudi Fuchs, zou onder Ann Goldstein het DNA van het museum herijkt worden binnen een internationale context.

Na vier jaar valt nauwelijks vast te stellen of dat in voldoende mate is gebeurd. De meerderheid van de tentoonstellingen die nu lopen zijn onder Van Tuyl in gang gezet, en bij de collectiepresentatie bevindt het museum zich nog in de – niet onbelangrijke – openingsfase.

Ik lees dat er onder Goldstein liefst 1500 aankopen zijn gedaan. Maar een helder beeld daarvan ontbreekt. Wat wel opvalt is hoe aan de randen van het collectieparcours nu en dan nieuwe aankopen te bewonderen zijn geweest, die het beeld geven van een directeur met gevoel voor verhoudingen in de internationale kunst en de rol van het Stedelijk daarbinnen. Bijvoorbeeld bij de aankoop van een cruciale serie foto’s van Josephine Pryde. Wie?, zal de gemiddelde Stedelijk bezoeker zeggen – hoe lang is dat niet gezegd bij een aankoop van het Stedelijk?

Zoals ook te prijzen valt hoe Goldstein het Stedelijk geopend heeft voor enerzijds een massaal publiek (750.000 bezoekers in een jaar), en anderzijds een specialistisch publiek, met wekelijks volle zalen bij een soms hoog intellectueel lezingenprogramma. Welk museum in Nederland doet dat op zo frequente basis en met zoveel succes?

Als ik het aanstaande programma goed interpreteer was ze ook volop bezig andere coalities te smeden dan de prominente Atlantische die het museum in het verleden zoveel goeds heeft gebracht. Er is sprake van een programma waarin meerdere werelddelen betrokken worden.

Ik weet: er wordt in de media en het kunstenveld veel gemord over Goldstein, met name over haar publieke optreden dat niet altijd even handig was. Ze heeft zichzelf er een hoop ellende mee op de hals gehaald. Opmerkelijk in dat verband is haar blijvende verbazing over de centrale rol die het Stedelijk Museum in de samenleving heeft. Alsof ze de positie van het museum, diep in het publieke debat van Amsterdam niet goed begrijpt, afkomstig als ze is uit een andere museumcultuur, een die is gebaseerd op veel elitairdere principes (en geld) – wat destijds overigens een belangrijke reden was om haar aan te stellen. Het is dit verschil in functioneren van het museum en de rol die daarbij van de directeur gevraagd is, die haar nu de kop lijkt te kosten.

Op een moment als dit, waarin gekeken wordt naar wat Goldstein goed en fout heeft gedaan, ben ik geneigd dat even om te draaien en me af te vragen wat er fout is gegaan dat dit museale talent, deze volbloed museumvrouw, met meerdere wereldtentoonstellingen op haar naam en contacten met de belangrijkste kunstenaars van het moment, het nu alweer voor gezien houdt.

Wat maakt dat ze hier niet tot bloei is gekomen, zich ontwikkeld heeft, andere kanten van zichzelf heeft laten zien, en ten volle het avontuur heeft gezocht. Ligt dat aan haar of aan ons? Gezien haar vorige werkverband is ze geen wegloper en geen carrièremanager, maar een bouwer met een extreem lang uithoudingsvermogen, ook als het even tegenzit.

Ligt het dan toch aan ons dat ze weggaat? Ligt het aan Nederland, aan de kunstwereld, het publieke debat, het niveau van de kunst die ze hier aantrof, de omstandigheden?

Ik weet het niet. Zeker is dat het haar niet heeft meegezeten. Dat de late oplevering van het gebouw haar zwaar viel. Dat het bijzonder tragisch is dat door de vertraging en zijn onverwachte dood ook het feest van de tentoonstelling van Mike Kelley zo dramatisch van karakter veranderde.

Goldstein is iemand die aangaf behoefte te hebben aan een internationaal netwerk en aan een hoogstaand intellectueel debat, waarin de kunst op niveau gevierd wordt. Is het onhandigheid en arrogantie van haar dat ze het niet vond in de Nederlandse kunst, of is het er misschien niet, of in onvoldoende mate?

Als je bereid bent het vertrek van Goldstein ook jezelf aan te rekenen zou het een les kunnen zijn dat het Stedelijk, dat zich zo graag voorstaat op zijn internationale uitstraling, misschien in praktijk niet zo geschikt is om door een internationale directeur geleid te worden. Goldsteins snelle vertrek zegt in die zin mogelijk ook iets over dit land, over deze stad en dit museum, zeker op dit moment in de tijd

Domeniek Ruyters
is hoofdredacteur van Metropolis M

Comments
Posts 1 — 9 / 9
1
29 augustus 2013
Niek

Helemaal mee eens, iets is er mis gegaan en die bal ligt niet bij Goldstein.

29 augustus 2013
Patricia de Ruijter

Er zijn natuurlijk vele redenen te bedenken. Duidelijk is dat zij geen populist is.

29 augustus 2013
Nicoline

Meanwhile in LATIMES 28/8:
"Rumors of a MOCA return amid director's resignation. Ann Goldstein departs the Stedelijk, heating up speculation that she'll replace Jeffrey Deitch in L.A."
http://www.latimes.com/entertainment/arts/culture/la-et-cm-moca-ann-goldstein-20130829,0,2939875.story

29 augustus 2013
Olivier

Jammergenoeg is de grootste armoede in deze in Nederland het gebrek aan interesse en opleiding over kunst. Kinderen leren veel te weinig over kunst en het belang ervan, dat is zonde.
Met het heropenen van het Stedelijk en het Rijks zou je hopen dat dit verandert..

Daarnaast zou ik ook graag zien dat bijvoorbeeld het Stedelijk ook eens aandacht zou schenken aan Urban Contemporary Art of Street Art. Een van de grootste kunst stromen ter wereld. Jeffrey Deitch heeft er destijds goed aan gedaan een grote expositie hiermee te organiseren in het MOCA. Wat een record aantal bezoekers heeft getrokken.

Hier stond Ann Goldstein jammer genoeg niet voor open, hopelijk de volgende directeur wel.

29 augustus 2013
chris reinewald

Dat Ann Goldsteins vroegtijdige vertrek iets over deze stad (Amsterdam dus) en dit museum zegt, zeker op dit moment in de tijd, heeft een kern van waarheid.
Tegelijk weten directeurs als Pijbes en Ex zich met de nodige poltiek-maatschappelijke tegenwerking prima staande te houden en daarbij ook nog een goed beleid te (laten) neerzetten.
Axel Ruger (dir Van Gogh Museum) zei vorig jaar op een discussie over museummanagement op het Museumcongres dat veel internationaal operende museumdirecteurs zich tot een cultureel-intellectuele elite voelen horen: een houding - zo zei hij - waarmee je in ons egalitaire Nederland natuurlijk niet mee moet aankomen.
In 2012 weigerde Ann Goldstein op korte termijn een al lang door het Stedelijk voorgekookt interview aan ons vakblad Museumvisie. Als jezelf niet eens voor directe collega's uit het veld wil serieus laten ondervragen waar sta je dan?
Ik ben er dan ook niet uit of Goldstein zich tot deze culturele elite rekent of tentoonstellingen toch maken aangenamer vindt dan als directeur een cultuurbreed beleid uit te dragen; met alle Nederlandse miesmuizerij en ondiscrete persoonlijke interesse vandien.
Goldstein begreep Nederland niet en wij haar niet.
Ik beklaag de enthousiaste medewerkers van het Stedelijk die weer onzekere tijden tegemoet gaan.

Chris Reinewald, hfdred Museumvisie/op persoonlijke titel

29 augustus 2013
Anita Frank

Ik deel de mening van Dominique.
Ik vind het zeer te prijzen dat Goldstein, tegen de verdrukking in, publieke debatten over kunst organiseerde in een tijd waarin de overheid de waarde van kunst uitsluitend afmeet aan doelgroepen, publieksbereik, etc. Over kunst zelf wordt veel te weinig nagedacht en gediscussieerd in de publieke ruimte. Daarin kan en moet naar mijn mening het Stedelijk als belangrijk museum voor moderne kunst in Nederland zeker en rol spelen. Er zijn al voldoende plekken waar publiekstrekkers te zien zijn, laat het hier dus is echt over Kunst gaan.
Het is jammer dat haar niet meer tijd gegund is, zeker nu haar de zakelijke beslommeringen uit handen waren genomen.
Het bestuur verwacht veel sollicitaties " omdat het een populaire functie is". Hopelijk maken ze geen populistische keuze.

30 augustus 2013
Pieter Heijnen

Enkele maanden geleden liep ik op een zondagmiddag door de bijna publiekloze zalen van het Stedelijk Museum. Het viel me op dat de veelgeprezen collectie in wezen een sample-verzameling is; weliswaar internationaal, maar ook zeer persoonsgebonden aan de respectievelijke visies van Sandberg, De Wilde, Beeren en Fuchs.
De onnodig lange sluiting en de verbijsterende uitkomst van de verbouwing openbaarde een schrijnend gebrek aan publieke belangstelling en een marginale rol van het Stedelijk in de samenleving. Blinde ambitie van lokale bestuurders heeft de positie van het museum alleen maar verzwakt.
De internationale uitstraling van het Stedelijk en haar centrale rol in de samenleving is blijkbaar een mythe, waarin Ann Goldstein verdwaalde.
Goldstein zal met haar gedreven kennis ongetwijfeld haar weg vinden. Het is nog maar de vraag of dat ook zo gemakkelijk zal zijn voor het Stedelijk Museum. Niet als voormalig befaamde merknaam met goede kijkcijfers, maar als eigentijdse en relevante kunstinstelling met een enorme molensteen om haar nek.
Het aanbrengen van hangende tuinen aan de buitenkant van de zielloze, witte buitenkant van de nieuwe vleugel zou een goede eerste stap kunnen zijn.

01 september 2013
Robert

Wat volstrekt onbenoemd blijft, is dat Goldstein is naar Nederland gehaald door Jan Dibbets. Sinds Fuchs lijkt het Stedelijk stevig in de greep van een groep mensen voor- en achter de schermen met sterke voorliefde voor m.n. abstracte- en conceptuele kunst en vaak gelieerd aan De Ateliers. Het zou heel goed zijn als dit soort benoemingen en krachtenvelden eens een keer transparanter kunnen worden en bespreekbaarder. Het Stedelijk heeft zich te lang vervreemd van een groot deel van de kunstwereld en publiek. Hoe kon het dat (min of meer figuratieve) kunstenaars als Mark Manders en Michael Raedecker zó lang buiten de duur zijn gehouden? Pas toen men er écht niet om heen kon, werden ze het museum binnen gehaald. Met lichte tegenzin leek het.. De verzameling zou dan wel een ballast kunnen zijn, maar de dynastie die er welhaast lijkt te zijn ontstaan net zo veel als je het mij vraagt. Ik denk dat de kunstwereld en publiek smacht naar iemand met een frisse open blik en minder eenzijdig gefocust op abstractie en minimalisme, meer lef en durf toont en meer weet te verrassen. Iemand die losser staat van de gevestigde orde in het Stedelijk.. Zonder meer openheid over dit soort benoemingen en wat er precies aan dit soort besluiten vooraf gaat, gaat er vrees ik niets substantieels veranderen.

02 september 2013
Nous Faes

Dank je voor de nuance in je bericht Domeniek.
Dit farewell van Steven ten Thije is m.i. de moeite waard om even te lezen:
<url "http://www.steenindevijver.info/voetnoten/index.html#v5" />

Share this Article:
|Back to Top
Meest gelezen
Tijdschrift

Koop nu het
laatste nummer

Mail naar:
karolien [​at​] metropolism.com
(€9,95 incl verzending)

Neem nu een abonnement op Metropolis M en bespaar 40%!

Abonneer
Metropolis M Tijdschrift over hedendaagse kunst Nr 5 — 2020