De stortvloed van het managerialisme
Bart De Baere over het ontslag van Mihnea Mircan bij Extra City

Issue no5
okt / nov 2017
REMIX
Mihnea Mircan

Net twee maanden na het ontslag van Lorenzo Benedetti in de Appel in Amsterdam, is er een tweede onmiddellijk ontslag dat er erg op lijkt: het overkomt nu Mihnea Mircan, de directeur van de Antwerpse tegenhanger van de Appel, de kunsthal Extra City.

Wat Extra City de voorbije jaren realiseerde, mag uitzonderlijk genoemd worden. De instelling raakte uit de vergeethoek waarin ze eerder terecht was gekomen door een verkeerde stedelijke situering op Stuivenberg. Ze werd in de voormalige wasserij in Antwerpen-Berchem een juweeltje, een voorloper van het samenwerkingsdenken dat nu beleidsmatig zo torenhoog in het vaandel gedragen wordt. Extra City programmeerde briljante eigen en gasttentoonstellingen en werd ook host voor tentoonstellingen van derden. Dat alles is te danken aan zowel de raad van toezicht als aan het team, en toch botert het niet goed tussen die twee.

Artistiek directeur Mihnea Mircan kreeg nu de wacht aangezegd, door middel van een voorgelezen tekst, en met een onmiddellijk af te geven sleutel, kort nadat hij het nieuwe beleidsplan had geschreven voor de volgende kunstenplanronde. Er zijn opmerkelijke overeenkomsten met het ontslag in Amsterdam. Een ervan is dat de argumentatie wordt gevoerd in termen van “Hij is een uitstekend curator, maar…”. Gelijkaardig is ook dat de beslissing in beide gevallen werd genomen door een op kunst gerichte raad van toezicht, in het geval van Extra City zelfs haast een dream team.

Toch kunnen er bij Extra City vragen worden gesteld wat betreft de governance. Tijdens een crisis in 2013 werden twee externe consulenten betrokken, die een aantal adviezen gaven. Een ervan was dat de raad van bestuur anders zou worden samengesteld, wat gebeurde. Blijkbaar kon die verandering toch niet tot een kentering leiden. Er kwam geen personele versterking. De positie van Mihnea Mircan, op de website van Extra City geduid als artistiek directeur, werd sindsdien niet tot tevredenheid van de (nieuwe) raad van bestuur gecomplementeerd. Maar er kwam in de tussentijd ook geen helder afsprakenkader tussen beide partijen, met een overeenstemming over wat wenselijk en haalbaar was, en wat tegen wanneer zou worden geëvalueerd. Blijkbaar werd dus ook de rol en taak van de raad van bestuur onvoldoende herijkt. En dus bleven beide partijen gefrustreerd in hun egelstelling zitten. Tot er metaalmoeheid begon te spelen en Mircans hoofd rolde.

De verwachtingen die gesteld worden aan de curator van een instelling als Extra City zijn duizelingwekkend geworden

Mircan weigerde voorstellen tot petities en zal ook geen gerechtelijke stappen ondernemen, al heeft hij een behoorlijke argumentatie om dit wel te doen. Zijn bekommernis geldt eerst en vooral het voortbestaan van deze instelling in Antwerpen.

Achter dit alles lijkt een deficit te liggen inzake de bepaling van de positionering van de instelling in verhouding tot de capaciteit ervan. Jazeker, internationaal; the place to be voor lokaal; vergeet de hyperdiversiteit om de hoek niet; we verwachten ook veel publiek; en begrijp waar het stedelijke beleid heen wil en speel daarop in. Wees populair en performant en politiek en correct. Bedenk iets en je moet het zijn, en wel voor de volle 120 %, of minstens voor 100 % nu, bij wijze van toegeving, zodat we vervolgens naar 120 % kunnen doorstomen. Jazeker, inhoudelijke ontwikkeling; en jonge kunstenaars ondersteunen; en spraakmakend zijn; en krachtige communicatie; en een cafetaria en planning zoals bij een groot bedrijf; dit alles met twee man/vrouw en een paardenkop. Als het vertrouwen met je raad van toezicht verzuurd is, mag het een wonder heten dat iedereen dan krijgt wat hij of zij verwacht.

Is dit hoe dan ook mogelijk? Als twee keer op rij een goede raad van toezicht, een raad mét een artistieke inzet dus, een directeur ontslaat waarvan bij dat ontslag expliciet 'Een héél, héél goede curator, maar…' wordt gezegd, is er misschien iets anders aan de hand. En niet alleen dat een kop van jut rolt waar eigenlijk vragen naar behoorlijke omkadering zouden moeten worden gesteld, zowel wat betreft het team als wat betreft de raad van toezicht.

Er is iets anders aan de hand en wel dit: de verwachtingen zijn duizelingwekkend geworden. Elke culturele inzet wordt vandaag meteen gecomplementeerd door een brede waaier van verwachtingen, een waaier van 360 graden. En elk van die 360 vectoren houdt geen maat. Kan je morgen méér sponsoring vinden, méér produceren, sympathieker en onverwachter en productiever en genetwerkter en samenwerkend en beleidsbepalend zijn? Dat is manegerialisme, management als diareticum.

Zwarte Piet mag niet meer, zegt een stuk van onze tijdsgeest. Laten we daar dan starten. Geen zwarte pieten uitdelen, maar ons bezinnen. Opnieuw streng en dapper zijn. Het zijn niet de raden van toezicht die in de fout gaan, ze maken hooguit deel uit van een ander deel van onze tijdsgeest; van een desperate, blinde, gehoorzame groeizucht.

We hebben hoogdringend nood aan een nieuwe helderheid, als we het noorden niet willen verliezen om aan de overige 359 graden te beantwoorden. Van een museum mag men véél verwachten in diverse richtingen. Voor een kunstcentrum kan de ene focus ook deze zijn: een heel goed curator, dus… We hebben een koppensnellerij van verwachtingspatronen nodig, een nieuwe focus op het essentiële, een bewustzijn van limieten en een duurzame omarming daarvan.


Bart De Baere is directeur van het M HKA in Antwerpen

Comments
Posts 1 — 6 / 6
1
08 december 2015
Katrien Reist

Eigenaardig is het dogma van de wegwerp-maatschappij: zint het niet, vervang je dat waarvan je vermoedt, dat het een probleem is. Extra City schrijft hier haar eigen geschiedenis.

Maar zo werkt het niet. Vijf jaar ervaring van een directeur op een ingewikkelde plek: wat doe je ermee? Luisteren. Leren. Gemeenschappelijke doelen in het oog houden. Oplossen.

De Raad van bestuur van Extra City bestaat uit hele goeie mensen.
Maar blijkbaar is dat niet voldoende. Dat is beangstigend.
It takes a harmonious bunch to tango….

Quintessence van deze oefening is de bittere vaststelling, dat er het huidige klimaat geen ruimte biedt voor reflectie, voor twijfel, voor experiment, voor uitwisseling of groei. Noch van de ene, noch van de andere partij.

Het feit alleen al, dat er hier sprake is van twee partijen en niet één ploeg die de boel overeind houdt… Dat maakt het kwetsbare niet langer levensvatbaar.

10 december 2015
Nickel van Duijvenboden

Ook een instituut als de Rijksakademie heeft te maken met het excessieve verwachtingspatroon dat Bart de Baere treffend verwoordt. Sinds de cultuurbezuinigingen in Nederland staat de directie en het personeel onder veel hogere druk, en dit heeft ook weer zijn uitwerking op de kunstenaars die er werken. Het komt van beide kanten: niet alleen wordt er steeds meer professionalisering verwacht in het presenteren van de kunst, het instituut moet zichzelf ook steeds meer verkopen, met het gevolg dat het begint te ‘verbeurzen’. Natuurlijk, het is van alle tijden dat de kunst zich op een of andere manier verantwoordt naar de maatschappij en de begunstigers, maar de ‘waaier van 360 graden’ is voor niemand vol te houden. Ik wil een lans breken voor de artistieke leiders die proberen de kunstenaars af te schermen tegen de politieke en maatschappelijke druk, ook al is dit op den duur schadelijk voor hun functioneren. Hun verantwoordelijkheid is óók (en misschien wel voornamelijk) om te zorgen dat kunstenaars in dit klimaat kunnen blijven werken.

10 december 2015
Els Silvrants-Barclay

Als bestuur van Extra City (samengesteld met name uit curatoren, academici en kunstwerkers) zijn wij steeds bereid om een open dialoog te voeren over deze erg moeilijke beslissing. We onderschrijven de bezorgdheden van Bart De Baere en andere collega’s dat er steeds vaker in klassieke institutionele of zelfs corporate formats wordt gedacht en “afgerekend” en dat we hier verzet moeten tegen aantekenen. Omdat deze inderdaad een wezenlijke bedreiging kunnen zijn met name voor de precaire artistieke biotoop van de (kleine) Kunsthal.

Deze liggen echter niet aan de basis van onze beslissing. We hebben Mihnea de ruimte gegeven om een radicaal institutioneel verhaal te schrijven en de vrijheid om een eigen structuur uit te denken. We hebben hem daar tijd en waar mogelijk ondersteuning voor gegeven, maar hij gaf er geen of onvoldoende invulling aan, wellicht ook omdat het hem simpelweg niet lag. Ondertussen staat Extra City op een absoluut cruciaal en ronduit precair moment. Na een negatief advies in de vorige subsidieronde, waarvan een gebrek aan visie op instellingsniveau mee aan de basis lag, en eerdere interne crisismomenten - die toch anders liepen dan geschetst in deze opinie - staan we op een sleutelmoment voor het voorbestaan van deze Kunsthal. Op dit moment is het dan ook extra belangrijk goed te kunnen duiden niet alleen wat Extra City doet, maar ook waarom; om de Kunsthal een duidelijker plek te geven in zijn veld.

We zijn ervan overtuigd dat dit kan zonder in “managerialisme” te vervallen. Wat mij betreft mag dit dan ook een radicaal institutioneel verhaal zijn. Deze beslissing is genomen om zo’n radicaal verhaal blijvend mogelijk te maken, vooraleer een overheid ingrijpt of de middelen finaal verdwijnen. Door een artistiek directeur te vervangen door een artistiek directeur (we kijken niet uit naar een algemeen directeur of manager) maar met interesse in de institutionele dynamiek van de Kunsthal en de biotoop waartoe deze behoort, hopen we net het artistiek primaat van Extra City een toekomst te geven - en dat is uiteindelijk onze verantwoordelijkheid.

Laat ons het gesprek verder voeren. U weet ons te vinden.

Els Silvrants-Barclay, bestuurder Extra City

14 december 2015
Jonas Staal

Aan Els Silvrants-Barclay, bestuurslid Extra City Antwerpen

Sinds 2008 werk ik als kunstenaar samen met curator Mihnea Mircan, en van de vele projecten die wij samen hebben gerealiseerd, waren er twee in Extra City Kunsthal Antwerpen. Omdat onze samenwerking op een zeer intiem niveau plaats heeft gevonden, heb ik in de periode van zijn directeurschap grondig inzicht gekregen in de werkwijze van Extra City als instituut en van Mircan in het bijzonder. In dat licht kan ik niet anders zeggen dan dat het bestuur van Extra City zich zeer diep zou moeten schamen voor de respectloze wijze waarop zij Mircan hebben ontslagen: het Extra City bestuurslid Els Silvrants-Barclay het meest van allemaal, voor de ondermaatse reactie die zij op deze pagina heeft geplaatst in antwoord op het artikel van Bart de Baere, directeur van M HKA.

Allereerst zou Silvrants-Barclay beter moeten weten dan feitelijke onjuistheden te verkopen aan haar achterban over de redenen van Mircan’s plotselinge ontslag. Zij spreekt over een “negatief advies in de vorige subsidieronde” en wijdt die aan “een gebrek aan visie op instellingsniveau.” Daarmee passeert zij het feit dat toen Mircan werd aangesteld er tevens een negatief subsidieadvies lag, die Mircan met zijn team succesvol om heeft weten te draaien met een vierjarige subsidie als gevolg (in tegenstelling tot de hoop van het bestuur, die Mircan vroeg zich te richten op het binnenhalen van een tweejarige subsidie). De betreffende commissie heeft Extra City nadien positief geëvalueerd. Tevens is het beleidsplan geschreven door Mircan voor de volgende subsidieronde (vanaf 2017), waar Silvrants-Barclay in haar reactie aan refereert, unaniem ondertekend door hetzelfde bestuur dat nu zijn ontslag heeft geëist.

Silvrants-Barclay spreekt zich in reactie op Bart de Baere nu ineens dapper uit tegen “klassieke institutionele of zelfs corporate formats” en stelt dat het bestuur Mircan “de ruimte [heeft] gegeven om een radicaal institutioneel verhaal te schrijven en de vrijheid om een eigen structuur uit te denken” alleen dat hij hier “onvoldoende invulling” aan gaf. In het licht van Mircan’s tentoonstellingen, die door critici terecht zijn geprezen om hun complexiteit en internationale karakter – van WHW’s “How Much Fascism?” (2012) tot zijn eigen magnum opus “Allegory of the Cave Painting” (2014) en het langdurige multidisciplinaire “Cross-Examinations” (2012-16) – is het programma van Extra City ontegenzeglijk op het hoogste niveau vorm gegeven. En zoals de Baere ook schrijft, is het Mircan met weinig middelen gelukt Extra City uit zijn voormalig obscure en logistiek problematische locatie te verplaatsen: sinds de heropening in een oude wasserette op de Eikelstraat is de tentoonstellingsruimte weer zichtbaar deel geworden van de stad, heeft een nieuwe identiteit en een groeiend publiek gewonnen.

Maar los van deze doelbewust foutieve weergave van Mircan’s erfenis is verreweg het meest problematische van Silvrants-Barclay’s betoog haar poging de aantijging van “managerialisme” te weerleggen. In relatie tot het beleid van een volgende directeur stelt ze dat het Extra City programma wat haar betreft “een radicaal institutioneel verhaal [mag] zijn.” Het feit is alleen dat deze radicale directeur er reeds was: zijn naam is Mihnea Mircan. Het radicale beleidsplan lag er ook voor de subsidieaanvraag vanaf 2017, en Silvrants-Barclay heeft daar samen met alle andere bestuursleden haar handtekening onder gezet. Alleen toen dit “radicale verhaal” het risico met zich mee bleek te brengen dat er mogelijk gekort zou kunnen worden, of er in ieder geval enige vorm van moed vereist was om dit plan samen met Mircan publiek te verdedigen, heeft het bestuur hem de wacht aangezet. Dit ondanks de aantoonbare kwaliteiten van deze directeur in het binnenhalen van voorgaande financiële ondersteuning voor het instituut en het betrekken van nieuwe publieken om legitimiteit en draagvlak voor zijn programmering te vinden.

Alleen het meest bureaucratisch soort manager durft het woord radicaal op zo een goedkope manier in te zetten om haar eigen wanbestuur te verhullen.

Mevrouw Silvrants-Barclay, als u een succesvolle directeur met een doorwrocht en radicaal verhaal aan de kant wilt zetten, dan moet u op zijn minst ook de moed hebben om te zeggen waarom. Ik zal het u woord voor woord uitleggen. U heeft Mircan ontslagen omdat u bang bent. Omdat hij niet voldoet aan het ideaal soort kunst-manager waarmee u het groeiend conservatief en neoliberaal klimaat in uw land naar uw hand kunt zetten. U wilt helemaal geen “verzet” plegen tegen de status quo van reactionair managerialisme zoals u zelf suggereert, u wilt simpelweg overleven, en om die reden bent u bereid om wie dan ook te ontslaan en wie dan ook aan te nemen om Extra City het verhaal te laten vertellen dat anderen van haar eisen.

Ik heb diep respect voor de wijze waarop Mircan dit bestuurlijk debacle waardig tegemoet is getreden. Hij wil niet dat de vele kunstenaars en in

15 december 2015
Els Silvrants-Barclay

Beste Jonas Staal,

Ik voel me niet meteen aangesproken door het beeld dat u van mij schetst, maar ik kan het u niet kwalijk nemen, want u kent mij niet.

Ik ben steeds bereid tot een constructief gesprek om hierover verder met u van gedachten te wisselen, een aantal feiten te weerleggen en aan te vullen en daarmee éen en ander in perspectief te plaatsen.

U weet mij te vinden mocht u daar open voor staan.

Vriendelijke groet,
Els

10 januari 2016
Robrecht Vanderbeeken

Pittige discussie. Ik begrijp uw verontwaardiging zeker Jonas Staal, ik schreef al lovende recensies voor Mircan op deze site.

Maar wat moet je als bestuurder doen als je eigenlijk van de minister al weet dat de deur dicht gaat, tenzij een duidelijk signaal van een andere aanpak? Incasseren en beslissen, of weglopen? Wat moet je doen als bestuurder, wetende dat er in beeldende kunstwereld in Vlaanderen amper draagvlak is om voor deze zaak het conflict met het beleid aan te gaan, afgezien van enkele symbolische gebaren, waarna je toch weer in het zand bijt? Voor de offerlogica gaan, hopende dat zo het publieke debat er nog iets bij wint? Zal Bart De Baere dan in de bres springen? Het zou mij verbazen.

We moeten niet zozeer kwaad zijn op Els Silvrants-Barclay maar op de cultuurminister en de verdeel-en-heers in de sector. Don’t rock de boat, weet je wel, en waar sta je dan als de storm opsteekt?
Binnen een paar weken, bij de bekendmaking van de nieuwe ronde steun aan instituten, opent minister Gatz opnieuw het slachthuis. Hij noemde het veel geprezen diverse veld van kleine en middelgrote organisaties in Vlaanderen al een ‘aanwas’ waarin eens dapper gesnoeid moet worden. Dat heet dan goed bestuur: de afbraak van dat diverse veld zonder 'topinstellingen' als Tate - hoge naaldbomen waaronder niets groeit - dat net de troef is voor het creatieve Belgische landschap.

Els Silvrants-Barclay is wel één van de enige van de beleidsmedewerkers die daar moedig tegenin gaat. http://www.dewitteraaf.be/artikel/detail/nl/4200

Terwijl andere directeurs hun zaakjes doen via achterkamers, zoals De Baere, die trouwens nog niet zo lang geleden zelf vurig pleitte voor snoei in de kleintjes en meer Vlaamse vuurtorens, te beginnen met zijn eigen huis natuurlijk. http://www.rektoverso.be/artikel/it%E2%80%99s-about-content-stupid

Binnen een paar weken zullen we dus zien wat de solidariteit tussen organisaties betekent. Wat zal De Baere dan doen? Hier zag hij een gelegenheid om zich eens als beschermheer te profileren, iemand die zelf helemaal niet vies is van managerialisme en bijvoorbeeld kunstenaars systematisch NIET betaalt want ze moeten maar blij zijn met de bekendheid die een tentoonstelling hen oplevert.

Hij haalt nu de verontwaardiging boven, wetende dat hij naar zo’n raad van bestuur wel eens flink kan uithalen. Vooral als Els Silvrants-Barclay (C.A.H.F) bestuurder is, een persoon die hij op zijn pad inzake collectiebeheer met regelmaat tegenkomt. Zij heeft het lef om de cowboypraktijken van de grote jongens aan te klagen. Zij is ook een van de weinige die minister Gatz via sociale media de wind van voor geeft. Dat deed Bart De Baere nog nooit. Integendeel: Bart De Wever uitnodigen om tentoonstellingen te openen, dat is eerder zijn manier van werken...

Soit, united we stand, laten we vooral de pijlen richten op het rechtse offensief en hun opportunistische meelopers. In deze cultuurstrijd mogen we Els Silvrants-Barclay absoluut niet verliezen, zoals we ook Mircan niet mogen verliezen. Onderlinge geschillen in het eigen kamp, daar wint alleen de uitverkooppolitiek bij.

Robrecht Vanderbeeken (filosoof, auteur Buy Buy Art)

Share this Article:
|Back to Top
Gerelateerd | Meest gelezen
Tijdschrift

Koop nu het
laatste nummer

Mail naar:
karolien [​at​] metropolism.com
(€9,95 incl verzending)

Neem nu een abonnement op Metropolis M en bespaar 40%!

Abonneer
Metropolis M Tijdschrift over hedendaagse kunst Nr 5 — 2017