Roee Rosen, Out (Tse), 2010

Over de provocerende Roee Rosen bij IMPAKT 

Issue no4
aug - sept 2019
Ziektebeelden

Roee Rosens werk, dat momenteel te zien is bij Impakt, provoceert en daagt uit, maar achter al die shocktactieken schuilt ook een empathische kracht. Met zichtbaar plezier schelpt hij middels alter ego’s en fictieve persona een chaotische werkelijkheid waarin hij ongemakkelijke vragen stelt.

Er is een stijlmiddel dat steeds opduikt in de tentoonstelling Poetry and Catharsis die nu bij Impakt is te zien. Het is de prosopopee: een stilistisch trucje waarbij een schrijver of kunstenaar spreekt vanuit een object of een andere persoon. Het is een handige manier als je slecht nieuws komt brengen en niet de boodschapper wilt zijn of als je jouw eigen positie of betrouwbaarheid ter discussie wilt stellen door de ogen van een ander.

Kunstenaar Roee Rosen maakt gretig gebruik van de prosopopee zodat hij zijn ‘boodschap’ in een context kan plaatsen waarin eenvoudig en traditioneel zwart-witdenken geen uitkomst biedt. Deze strategie is niet verwonderlijk als je bekend bent met zijn achtergrond. Rosen is een Israëlische kunstenaar wiens vader de Jodenvervolging heeft overleefd, maar die in zijn werk juist tegen de heilige huisjes van de nagedachtenis aan de Holocaust trapt. Zijn Live and Die as Eva Braun (1995-1997) lokte felle en afkeurende reacties uit in de Israëlische media. Het idee om je in de vorm van een simulatie te verplaatsen in Hitlers geliefde om zo de beruchte dubbele zelfmoord te ervaren, viel niet in goede aarde.

In de eerste ruimte van de expo zijn wat tekeningen en boeken te zien van Rosens controversiële Eva Braun-concept. Naast de werken die je in boekvorm kunt bekijken is in die ruimte op een klein scherm nog een nepdocumentaire te zien. Twee langere films van Rosen worden in een loop vertoond in een grote zaal waar je op een bank kunt zitten. Het werk van Rosen heeft een provocerend en ondeugend kantje. Middels alter ego’s en fictieve persona probeert hij ongemakkelijke zaken aan de kaak te stellen. Bij Rosen gaat het over identiteit en de rol van de ‘Ander’. De Ander is natuurlijk een beladen begrip vanuit de Joodse beleving omdat zij door de geschiedenis heen zo vaak als ‘anders’ zijn gebrandmerkt en daarom werden gezien als gevaarlijk, abnormaal en inferieur. Eigenschappen die terugkwamen in karikaturale en spottende beelden die gebruikt werden in antisemitische propaganda zoals in de schokkende nazifilm Der ewige Jude (1940).

Rosen verwijst in de vorm van het fictieve personage Justine Frank ook naar die besmette icongrafie. In de naam Justine Frank zelf ligt al een spanning besloten. Justine verwijst naar Markies de Sade’s gelijknamige boek en Frank is de joodse achternaam van het bekendste slachtoffer van de Holocaust. Die twee geschiedenissen of verhaallijnen komen samen in het leven en werk van Justine Frank, een Belgische lesbische surrealist die in geen enkel hokje te plaatsen is en daarmee alle constructies van identiteit overstijgt. In de nepdocumentaire Two Women and a Man (2005) die in de eerste zaal te zien is, wordt zij geportretteerd als een tragische figuur die in obscuriteit zou sterven. Haar boek Sweet Sweat verkrijgt postuum cultsucces en haar tekeningen en schilderijen doen niet onder voor het werk van Salvador Dali en Max Ernst. Anders dan die twee verwijst Frank naar stereotiepe joodse figuren die zij vermengt met het werk van Francisco Goya of een poster van de film Fantômas uit 1913. Je krijgt een idee van haar kunst als je door de boeken bladert die de documentaire aanvullen.

Rosen heeft duidelijk plezier gehad in het samenbrengen van al die verschillende verwijzingen om ze vervolgens op een bijna occulte manier met elkaar te vermengen

Rosen compliceert de boel door zichzelf ook in het verhaal te introduceren. De voice-over vindt hem maar een provocerende dwarsligger die conservatieven choqueert, terwijl het links-culturele establishment hem gedoogt. Er wordt gesuggereerd dat hij profiteert van de artistieke nalatenschap van Frank door haar te kopiëren. Het eerder genoemde Live and Die as Eva Braun wordt daarbij geciteerd. Rosen speelt ook nog de vertaalster Joanna Fuhrer-Ha’sfari in de documentaire. Zij heeft Franks boek in het Hebreeuws vertaald en moet niets van Rosen hebben.

Middels Justine Frank toont Rosen het hele circus dat ontstaat rondom een herontdekte outsiderkunstenaar en contrasteert dat met de vijandige receptie van zijn eigen werk in Israël. Iets vergelijkbaars gebeurt in het personage Maxim Komar-Myshkin, het pseudoniem van Efim Poplavsky om het nog verwarrender te maken. Komar-Myshkin is een kunstenaar en dichter die lijdt aan vervolgingswaan aangewakkerd door de ongehinderde macht van Vladimir Poetin. Hij start een kunstenaarscollectief die een subversieve wraakactie begint tegen deze moderne Russische despoot.

Komar-Myshkins verhaal wordt ook in de eerste zaal uitgelicht door verschillende tekeningen, teksten en foto’s die aan een muur hangen. Ze laten fragmenten uit Vladimir’s Night (2014) zien, een obsceen kinderboek met een hermetische boodschap die verbanden legt tussen de traumatische Russische geschiedenis en Poetins meedogenloze methoden. Het is Komar-Myshkins manier om zich tegen repressieve krachten te verzetten. Rosen heeft duidelijk plezier gehad in het samenbrengen van al die verschillende verwijzingen om ze vervolgens op een bijna occulte manier met elkaar te vermengen. Komar-Myshkins werk is dat van een paranoïde visionair die met zijn boek een schokkende openbaring lijkt te verkondigen.

Waar Frank en Komar-Myshkin als ‘Anderen’ nog de vorm hebben van subversieve dissidenten en radicale avant-gardisten is de Ander in The Dust Channel (2016) en Out (2010) verweven met het schrikbarende en draconische beleid van de staat Israël. Deze korte films zijn op een groot scherm te zien in de tweede zaal van de expo. In The Dust Channel laat Rosen een klassiek muziekensemble een minimale en serene compositie spelen terwijl zij in een moderne woning vreemde dingen doen. Er zit een knipoog in naar Luis Buñuels Un chien andalou (1929) en het geheel oogt surrealistisch op een kolderieke manier. Zo wordt de Dyson stofzuiger bezongen die met zijn zuigkracht en unieke stofreservoir het vuil geen enkele kans geeft. Een dansvoorstelling van schattige Roomba’s –ronde robotstofzuigers—is een leuke bijkomstigheid.

Maar dit potsierlijke schouwspel wordt onderbroken door schokkende nieuwsberichten en een onthullend interview over de mensonterende behandeling van vluchtelingen in Israël. Daarin wordt een link gelegd tussen vreemdelingen en vuil. Een oude analogie die nu weer overal de kop opsteekt en mensen tot dingen reduceert die simpelweg opgeruimd kunnen worden. The Dust Channel plaatst dit probleem in een verstoorde alledaagse setting. Een smetteloos en brandschoon huis tegenover de fantoomdreiging van de vieze Ander die op ieder moment de reine idylle kan ontwrichten.

Een smetteloos en brandschoon huis tegenover de fantoomdreiging van de vieze Ander die op ieder moment de reine idylle kan ontwrichten

Roee Rosen, The Dust Channel, 2016

Roee Rosen, The Dust Channel, 2016

In Out worden twee jonge Israëlische vrouwen geïnterviewd die aan SM en bondage doen. Ze spreken openhartig over de aanlokkelijkheid van die seksuele beleving. Geleidelijk gaat het over de bestaande rechtse politicus Avigdor Lieberman die in zijn opruiende toespraken fel tekeer gaat tegen buitenlanders en Palestijnen. De geest van Lieberman heeft zich als een demon in een van de vrouwen genesteld en Rosen laat een sadomasochistisch exorcisme zien waarbij een van de vrouwen de ander fikse klappen geeft. De stem van Lieberman wordt door de pijn aangewakkerd en is vervormd te horen als in een horrorfilm. De woorden die hij als een duivelse entiteit uitkraamt zijn letterlijk overgenomen uit zijn haatdragende speeches.

Out is een heftige kijkervaring. De bondagesessie wordt expliciet in beeld gebracht. De camera registreert nauwkeurig het naakte lichaam dat wordt geslagen en zoomt in op de beurse huid die ontstaat na de klappen. De overgang is daarom des te verrassender. In het afsluitende deel speelt een muzikant een teder liedje dat verwijst naar de complexe achtergrond van Lieberman, een Russische Jood die naar Israël emigreerde en net zo goed een Ander is.

In Rosens interview met een van de vrouwen zegt zij dat je sympathie moet hebben voor de demon en het kwaad. Je moet hem begrijpen om hem uit het bezeten lichaam te verdrijven. Het is een uitspraak die mooi spiegelt met de methode van Rosen waarin hij zich door middel van zijn kunst verplaatst in andere mensen en denkbeelden. Het laat ook de onderliggende empathische kant van deze tentoonstelling zien die achter alle provocaties en subversiviteiten doorschemert. Poetry and Catharsis biedt vooral prikkelende pogingen om identiteit – een vaak gesloten en onwrikbaar begrip – open te breken en ter discussie te stellen en om de Ander in jezelf terug te zien.

Op 19 mei introduceert Marcel Schwierin, curator, filmmaker en directeur van Edith-Russ-Haus for Media Art tijdens Theatre of the Awkward Roee Rosens nieuwste work-in-progress Kafka for Kids

Roee Rosen – Poetry and Catharsis, IMPAKT Center for Media Culture, Utrecht t/m 26 mei

George Vermij
is criticus en journalist

Share this Article:
|Back to Top
Gerelateerd | Meest gelezen
Tijdschrift

Koop nu het
laatste nummer

Mail naar:
karolien [​at​] metropolism.com
(€9,95 incl verzending)

Neem nu een abonnement op Metropolis M en bespaar 40%!

Abonneer
Metropolis M Tijdschrift over hedendaagse kunst Nr 4 — 2019