Eeen werk van Geert Mul in 'A Critical History of Media Art in the Netherlands', Jap Sam Books: boekontwerp Mind Design/Niels Schrader

De mogelijkheden van mediakunst afgetast – het boek 'A Critical History of Media Art in the Netherlands'

Issue no5
okt-nov 2020
Wat is Nederland

Terwijl Nam Jun Paik in het Stedelijk exposeert en museale pers- en communicatieafdelingen zich steeds meer op influencers richten, krijgen LIMA, Sonic Acts en De Appel geen plek in de BIS. Toch zijn het vooral dergelijke instellingen die al decennia de alsmaar groeiende mogelijkheden van media aftasten. Het boek A Critical History of Media Art in the Netherlands richt in ruim twintig essays de aandacht op de pionierende spelers die al decennia volhardend doorzetten en meer aandacht verdienen. Wat hen precies bindt en wat wij van al hun activiteiten kunnen leren blijft echter de vraag.

A Critical History of Media Art in the Netherlands is te zien als opvolger van het in 2003 verschenen De magnetische tijd: videokunst in Nederland 1970-1985, samengesteld door Jeroen Boomgaard en Bart Rutten. In de huidige publicatie verschuiven samenstellers Sanneke Huisman en Marga van Mechelen de blik van videokunst naar het bredere ‘mediakunst’: een vage term die moet vatten wat voorheen ‘nieuwe media kunst’ heette, maar allang niet meer nieuw is. Dat de noemer ‘mediakunst’ problematisch is wordt door Huisman en Van Mechelen ook direct erkend en met vijf redenen onderbouwd. Toch is dat geen reden voor een andere blik: de term is volgens hen nog algemeen gebruikt en beschrijft een ‘veld’ waar kunst en technologie elkaar kruisen.

De introductie wordt gevolgd door een twintigtal essays, ondergebracht in zes los-vaste delen. Verschillende auteurs schetsen – vaak vanuit een positie in dit veld en terugblikkend – een wirwar van geschiedenissen en tendensen die weinig in de schijnwerpers staan. Zo wordt het verhaal verteld van het in 1969(!) opgerichte STEIM (Studio for Electro-Instrumental Music) in een tekst van directeur Dick Rijken. Arie Altena, redacteur en onderzoeker bij V2_ schetst de activiteiten van die instelling sinds 1981. Ook waardevol is de aandacht voor festivals zoals DEAF en Sonic Acts, juist vanwege hun vluchtige karakter.

Toch blijkt ‘mediakunst’ vooral een containerbegrip en inhoudelijk niet veelzeggend. Het accent op videokunst woekert snel uit naar alles met bewegend beeld: van featurefilms op het IFFR tot live cinema, VJ, internetkunst en kunst op CD-ROM. De aandacht voor technologie vormt aanleiding voor een stuk over robotica, maar ‘mediakunst’ kan met fluxus-achtige acties gericht op een niet-kunstpubliek evengoed een meer low-tech invulling krijgen. In het beschreven ‘veld’ komen zo soms spelers bijeen die toch heel verschillende sporten beoefenen.

De essays zijn stuk voor stuk prima teksten; over het algemeen niet te kritisch maar met hart voor de zaak beschrijven ze interessante en vaak weinig bekende projecten. Dat daar nu aandacht voor ontstaat is de grote waarde van het boek. Waar anders lees je immers over al deze zaken? Het grootste deel van de kennis hierover ligt toch in de archieven van instellingen of de hoofden van betrokkenen opgeslagen.

Dat er nu aandacht voor interessante, maar vaak weinig bekende mediakunstprojecten ontstaat is de grote waarde van het boek. Waar anders lees je immers over al deze zaken?

Het boek maakt nieuwsgierig en spoort hopelijk aan tot verder onderzoek. Dat blijkt nodig, want hoewel van alles passeert ontstaan er weinig extra dwarsverbanden tussen de teksten. De samenhang van het veld wordt blijkt vooral uit herhaling: steeds vanuit een andere hoek worden min of meer vergelijkbare ontwikkelingen beschreven. Al lezend ontstaat soms de indruk dat dezelfde kunstenaars, instellingen, beleidsperiodes en gebeurtenissen in steeds andere volgordes worden opgesomd. Een aantal zaken keren telkens terug, zoals de hakkelige verhouding met de geïnstitutionaliseerde kunstwereld en de manier waarop het overheidsbeleid zowel kansen biedt als laat liggen. Ook wordt vaak het tijdelijke en performatieve karakter van de kunst duidelijk, en komt steeds de overlap met de club- en kraakscenes, hackers en piraten aan bod.

'A Critical History of Media Art in the Netherlands', Jap Sam Books: boekontwerp Mind Design/Niels Schrader

'A Critical History of Media Art in the Netherlands', Jap Sam Books: boekontwerp Mind Design/Niels Schrader

'A Critical History of Media Art in the Netherlands', Jap Sam Books: boekontwerp Mind Design/Niels Schrader

En passant wordt ook duidelijk hoe, ondanks aanhoudend activisme, technologie niet zonder meer zijn beloftes waarmaakt. De vrijgevochten kunst wordt langzaamaan mainstream zonder ideeën over kunst structureel te veranderen. Ondertussen beheerst de technologie steeds meer ons alledaags handelen. Een kritische blik daarop blijft grotendeels uit. Dat is jammer, want in het laatste deel wordt duidelijk wat dat zou kunnen opleveren.

Aan het einde wordt bijvoorbeeld ingezoomd op Talking Back to the Media: een project dat in 1985 werd opgezet in Amsterdam door kunstenaars David Garcia en Raúl Marroquín en dat bestond uit een tijdschrift, posters, radioprogramma’s, een filmfestival, lezingen, een theaterstuk, een fototentoonstelling en een reeks kunstenaarsinterventies op televisie.

Dat de manifestatie zich niet laat inperken door landsgrenzen of mediumspecificiteit blijkt uit de tekst van kunsthistoricus Angela M. Bartholomew. Bijdragen werden geleverd door ondermeer Nam June Paik, leden van de Picture Generation en de conceptuele kunstenaarsgroep Group Material. Veel kunstenaars werkten nooit eerder met televisie, maar maakten kunst die kritisch was op het maatschappelijk belang van media. De tekst van Bartholomew bekritiseert vooral de wijze waarop het televisiewerk in 1987 in het Stedelijk gepresenteerd werd, namelijk als een eigen stijl of genre. Door die fixatie op vorm werd aan de kritische inhoud voorbij gegaan. A Critical History of Media Art in the Netherlands lijkt zelf echter in precies dezelfde valkuil te zijn gevallen. Onbedoeld bekritiseert Bartholomew zo de kaders van het boek waarin haar tekst is geplaatst.

Negen essays later – in de allerlaatste tekst – gaat Sven Lütticken in op hetzelfde project. Hij zet visies van kunstenaars Ulises Carrión, Marroquin en Garcia tegenover elkaar. Zo worden twee lijnen zichtbaar; terwijl Carrión zich interesseert voor het gebruiken of scheppen van platforms, zijn Marroquín en Garcia bovenal geïnteresseerd in de content van de media-ingrepen. Lütticken brengt deze twee visies –context versus content – in verband met institutionele kritiek en relational aesthetics enerzijds en appropriation art, net art en hacktivism anderzijds.

De wedstrijd is niet verloren, concludeert Lütticken, er valt nog steeds te leren van de inzichten die de beschreven nieuwe mediakunst-praktijken bieden. Het canoniseren van recente kunstgeschiedenis moet echter geen vorm van nostalgie of zelfverheerlijking worden

'A Critical History of Media Art in the Netherlands', Jap Sam Books: boekontwerp Mind Design/Niels Schrader

'A Critical History of Media Art in the Netherlands', Jap Sam Books: boekontwerp Mind Design/Niels Schrader

Door het evenement niet te isoleren maar in bredere context te plaatsen komt de inhoudelijke relevantie ervan naar voren. Dit des te meer wanneer het heden erbij betrokken wordt. Zo beschrijft Lütticken hoe de Instagram-werken van Richard Prince (die destijds ook in Amsterdam exposeerde) vandaag de dag gretig verzameld worden, terwijl het spel met media dat kunstenaars speelden ook gezien kan worden als testfase voor tactieken waarmee de Alt-Right beweging Trump nu stevig in het zadel houdt.

De wedstrijd is niet verloren, concludeert Lütticken, er valt nog steeds te leren van de inzichten die de beschreven nieuwe mediakunst-praktijken bieden. Het canoniseren van recente kunstgeschiedenis moet echter geen vorm van nostalgie of zelfverheerlijking worden: dat zou het kritisch herzien van de kunstwerken in de weg staan. Zijn laatste alinea’s lezen zo als een reflectie op zijn eigen tekst maar ook op het boek als geheel. De vragen waarmee hij het boek afsluit zijn juist die vragen waarvan je hoopte dat het boek ze zou beantwoorden. Hopelijk legt het boek de basis voor een meer specifieke benadering.

Zie voor meer beeldmateriaal de site van de ontwerper: http://minddesign.info/mediaart.html

Uitgever Jap Sam Books: https://nl.japsambooks.nl/collections/nieuwe-titels

Share this Article:
|Back to Top
Gerelateerd | Meest gelezen
Tijdschrift

Koop nu het
laatste nummer

Mail naar:
karolien [​at​] metropolism.com
(€9,95 incl verzending)

Neem nu een abonnement op Metropolis M en bespaar 40%!

Abonneer
Metropolis M Tijdschrift over hedendaagse kunst Nr 5 — 2020